tien

Christian leidt ons naar een plek niet ver van het stadscentrum. Het is een ruim, bemeubeld appartement, dat in zijn dagelijks bestaan zichtbaar bewoners kent. Op de salontafel slingeren wat boeken rond, in de badkamer hangen nog vochtige handdoeken te drogen en de jassen aan de kapstok in de inkomhal geven fragmenten van de persoonlijkheden van de bewoners prijs. Toch overvalt me het vreemde gevoel dat al deze spullen hier bewust zijn neergelegd. Alsof dit appartement geen inwoners heeft en iemand hard zijn best gedaan heeft het te doen lijken alsof dit wel het geval is.
“Van wie is dit appartement?” vraag ik Christian zo nonchalant mogelijk.
“Van vrienden,” antwoordt hij en hij voegt eraan toe dat de bewoners op vakantie zijn en wij voorlopig van de ruimte gebruik mogen maken.
Ik druk mijn twijfels weg, leg mijn spullen neer in een kamer en maak een aantal notities over de afgelopen dag.

“Dit is geen vrijblijvende hobbyclub,” zegt Christian, “wie wil blijven, moet het bewijzen.” Het is fascinerend te zien hoe Christian er de afgelopen uren en dagen in geslaagd is het leiderschap op een vanzelfsprekende manier naar zich toe te trekken. Ik herinner me zelfs niet hem in de massa gezien te hebben de eerste dag, toen iedereen nog even verantwoordelijk leek en er geen leidersrol voor wie dan ook scheen weggelegd. Ik weet niet wat het precies is dat hem tot de natuurlijke leider van de groep heeft gemaakt. Misschien het feit dat hij vastberadenheid uitstraalt, misschien zijn zelfverzekerde arrogantie of misschien eerder het feit dat hij als enige van allen die zich op het plein verzameld hadden een plan had, dat hij vooruit denkt, dat hij verwoordt wat de anderen enkel in gedachten durven uit te drukken.
“Ieder van ons moet de bruggen met zijn verleden opblazen, maakt niet uit op welke manier. Ieder van ons moet iets doen, waardoor hij niet terug kan naar de wereld zoals die vroeger was,” legt Christian ons uit.
In de uren die volgen, gooien mijn medebewoners in het appartement hun gsms weg, halen ze diploma’s en contracten door de papierversnipperaar en gaan er her en der in de stad enkele huizen in vlammen op.
De enige die niets onderneemt, is Erik.
“Ik heb geen verleden,” zegt hij, “ik heb dus niets om uit te wissen.”
“Geen familie?” vraagt Christian, “Werk? Vrienden?”
“Helemaal niets,” antwoordt Erik en Christian laat hem verder met rust.
Van mij lijken Christian en de anderen niets te verwachten. Ik hoef niets te ondernemen. Ik hoef van niets of niemand afscheid te nemen. Ik zit als enige in een hoek van de kamer en kijk toe. Ik observeer en maak notities. Dat is alles.
“Jij hoeft slechts één ding voor ons te doen om hier te mogen blijven,” zegt Christian.
Ik kijk op van mijn notitieblok.
“Jij schrijft voor ons een manifest. Verzin iets. Verzin een reden waarom we hier zijn, waarom we doen wat we doen. Maakt niet uit wat. Maar zorg ervoor dat het geloofwaardig blijft.”
Hij draait zich van me weg, alsof hij nog meer belangrijke zaken af te handelen heeft, bedenkt zich halverwege en richt zijn blik opnieuw op mij.
“En onderteken het manifest met je eigen naam. Ik wil dat de buitenwereld gelooft dat je deel uitmaakt van de groep. In ruil daarvoor mag je over ons schrijven. Zoveel je wil. Wat je wil. Zolang de mensen geloven dat je één van ons bent, maakt het mij niets uit.”

“Je mag blijven,” zegt mijn hoofdredacteur me door de telefoon, “maar als jou iets overkomt of je komt in de problemen, weet ik van niets. Dit gesprek heeft nooit plaatsgevonden.”
De krant zal mijn bijdragen blijven publiceren, maar steeds laten voorafgaan door een kort, informatief tekstje waarin geschreven staat dat de auteur van het artikel een leven in de illegaliteit heeft verkozen en dat de redactie het artikel enkel publiceert vanwege zijn journalistieke waarde. Daar zullen ze nog aan toe voegen dat de uitgever van de krant zich distantieert van de ideeën van de journaliste in kwestie en de daden van Kleine Opstand niet goedkeurt.
“Wanneer alles achter de rug is,” zegt mijn hoofdredacteur, “kunnen we nog steeds open kaart spelen. Dan noemen we het een undercoveroperatie. En dan wacht jou een mooie carrière. Maar als het fout gaat, draag je zelf alle verantwoordelijkheid.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s